Je bent niet alleen

‘Je gaat van binnen een beetje dood als je kind niet meer wil leven. Zo voelde het voor mij. Je wilt er voor je kind zijn, je wilt helpen en beschermen, maar je kunt het niet voor je kind oplossen. Tegelijkertijd kan het ontzettend eenzaam voelen. Want wie begrijpt werkelijk hoe het is om als ouder naast iemand te staan die niet meer wil leven? Ik weet hoe dat voelt. Om haar te beschermen ben ik daar online niet open over. Wat ik zelf heb meegemaakt deel ik wel in bijeenkomsten met lotgenoten en soms online, maar dan onder een pseudoniem. Zo schreef ik bijvoorbeeld mee aan een interview op GGZ Totaal. Het is mijn manier om haar verhaal niet ongevraagd met de wereld te delen en tegelijkertijd iets te kunnen betekenen voor andere ouders en naasten die hetzelfde meemaken.’

Van eigen worsteling naar het helpen van anderen

‘Wat ik zelf heb doorgemaakt, wilde ik op een gegeven moment niet voor mezelf houden. Ik deelde mijn ervaringen tijdens een webinar over jongeren met suïcidale gedachten en gedrag. Daar ontmoette ik Jeannette Pullen. Niet veel later gingen wij vanuit onze familie-ervaringsdeskundigheid samen een lotgenotengroep begeleiden: de Mee Leven groep voor naasten, vanuit Stichting Suïcide Preventie Centrum. Daarnaast bood ik online begeleiding aan jongeren via Instagram. Wat ik daarin steeds opnieuw merkte, was hoe belangrijk herkenning is. Soms heb je niet meteen een oplossing nodig. Soms helpt het al als iemand zegt: ik begrijp wat je bedoelt. Je bent niet de enige.

Maar ergens bleef er een gemis. Dichtbij huis, in mijn eigen regio Beverwijk, was er geen vergelijkbare ondersteuning. De mogelijkheden binnen de GGZ waren de afgelopen jaren juist wegbezuinigd, terwijl de behoefte alleen maar groter werd. Jeannette bracht mij in contact met Caroline de Bes, die precies diezelfde noodzaak voelde en al gesprekken voerde met de gemeente Beverwijk. We besloten onze krachten te bundelen.

Het begon klein: een netwerk opbouwen met regionale ketenpartners, Meet & Greets organiseren voor inwoners, de eerste Walk into the Light in Wijk aan Zee, en gesprekken met beleidsmedewerkers van de gemeente. Allemaal naast mijn praktijk en het mantelzorgen voor mijn dierbare. Het was veel. Maar de noodzaak voelde ‒ en voelt ‒ groter en geeft juist energie. Want als je als ouder of naaste voortdurend probeert overeind te blijven voor iemand van wie je houdt, heb je zelf óók een plek nodig waar je niet alles alleen hoeft te dragen.’

Wat er nu is

‘In 2024 sloot naast Beverwijk ook gemeente Heemskerk aan, en dankzij subsidie konden we starten met structurele lotgenotengroepen. Er zijn er nu drie, alle gratis:

  • Over Leven groep ‒ voor mensen die zelf met suïcidaliteit worstelen.
  • Mee Leven groep ‒ voor naasten, zoals ouders, partners en brusjes.
  • Na Leven groep ‒ voor nabestaanden.

Deelnemers zeggen geregeld ‘dit is het enige dat mij echt helpt’. We openden daarnaast een eigen ondersteuningspunt van Stichting Suïcide Preventie Centrum: het Ondersteuningspunt Suïcidaliteit regio IJmond. Vanuit dit ondersteuningspunt organiseren we regelmatig Letz Talk Café’s. Dat zijn laagdrempelige themabijeenkomsten over suïcidaliteit, met steeds andere (ervaringsdeskundige) sprekers. Thema’s waren bijvoorbeeld het suïcide herstelproces, de impact op nabestaanden, autisme en suïcidaliteit, anders denken en suïcidaliteit en het belang van actieve nabijheid. Het is een plek waar je niet eerst hoeft uit te leggen waarom dit zo zwaar is. Waar je anderen ontmoet die weten hoe het is. Waar je even mag ervaren: ik hoef dit niet alleen te dragen.’

Nabij blijven

Haar verhaal laat zien hoe belangrijk het kan zijn om nabij te blijven zonder alles over te nemen. Maar het laat ook iets anders zien: als ouder hoef je dit niet allemaal alleen te kunnen. Je kunt er voor je kind zijn én tegelijkertijd behoefte hebben aan iemand die er voor jou is.

Nadat ze haar verhaal had gedaan ontstond een open gesprek met de aanwezigen, onder meer over zingeving en dagelijkse invulling van het leven van haar dochter, over een euthanasievraag die ooit vanuit uitzichtloosheid is gesteld, en over fragmentarisch waarnemen ‒ het ervaren van situaties in losse stukjes, waardoor het niet vanzelf lukt om gebeurtenissen met elkaar te verbinden. Ook werd gevraagd wat de impact op haarzelf als moeder is. 

Waarom ik dit blijf doen

‘Ik doe dit omdat ik weet hoe eenzaam het kan zijn als ouder of naaste van iemand die niet meer wil leven. Ik merk ook bij andere naasten hoe helend het kan zijn om te delen: de herkenning, jezelf kunnen uitspreken zonder steeds na te denken over hoe het overkomt en ervaren dat je niet de enige bent.

Je hoeft het niet alleen te weten.
Je hoeft het niet alleen te kunnen.
En je hoeft het niet alleen te dragen.

Die ruimte gun ik alle ouders.’

Scroll naar boven